Gastvrijheid in Marokko
- Renate Coen

- 30 sep
- 3 minuten om te lezen
Gastvrijheid is een heilig principe in de Marokkaanse cultuur, diep geworteld in zowel Berberse tradities als islamitische leerstellingen. Een gast in huis ontvangen wordt beschouwd als een zegen en een eer voor het gezin. Het spreekwoord "De gast is een geschenk van God" vat de Marokkaanse houding perfect samen.
Schuif jij mee aan onze tafel vol lekkers op do 9 oktober? We leren je alles over het bereiden van tajines.

Het ontvangen van gasten
Wanneer je een Marokkaans huis binnenkomt, word je onmiddellijk getrakteerd op thee en koekjes of dadels, nog voordat enig gesprek plaatsvindt. Deze eerste verwelkoming is verplicht en weigeren wordt als onbeleefd beschouwd. De gastheer of gastvrouw zal aandringen dat je meer neemt - dit aandringen is onderdeel van het ritueel en toont oprechte zorg voor het welzijn van de gast.
Bij een maaltijd wordt altijd veel meer eten bereid dan nodig. Overvloed tonen is een kwestie van eer en respect. Gasten krijgen de beste stukken vlees geserveerd en de gastheer zal persoonlijk vlees van het bot plukken en op het bord van de gast leggen - een gebaar van bijzondere aandacht. Het is onbeleefd om dit te weigeren.
Eetgewoonten en tafelmanieren
Traditioneel wordt er gegeten aan een lage, ronde tafel terwijl men op kussens zit. De maaltijd wordt geserveerd op één grote gemeenschappelijke schaal waaruit iedereen eet. Men gebruikt de rechterhand om brood af te scheuren en daarmee het eten op te pakken - de linkerhand wordt als onrein beschouwd. Voor buitenlanders is het tegenwoordig acceptabel om bestek te gebruiken.
Voor de maaltijd begint, wordt er water gebracht om de handen te wassen. Een gezinslid giet water over de handen van de gasten terwijl een ander een handdoek vasthoudt - een ritueel dat reinheid en respect symboliseert.
Men eet alleen uit het deel van de schaal dat direct voor je ligt. Het is onbeleefd om naar het midden te reiken of stukken van de andere kant te pakken. De gastheer zal regelmatig de beste stukken naar je toe schuiven. "Bismillah" (in de naam van God) wordt gezegd voordat men begint te eten, en "Hamdullah" (God zij geprezen) wanneer men klaar is.
Het weigeren van eten
Hoewel gasten voortdurend worden aangemoedigd meer te eten, is het acceptabel om beleefd te weigeren wanneer je echt vol zit. Een hand op het hart leggen en zeggen "Hamdullah, baraka allahu fik" (God zij geprezen, moge God je zegenen) geeft aan dat je dankbaar bent maar voldaan. De gastheer zal meestal nog twee of drie keer aandringen - dit is normaal en niet bedoeld om je onder druk te zetten, maar om te verzekeren dat je echt genoeg hebt gehad.
Het is echter zeer onbeleefd om helemaal niets te proeven van wat je wordt aangeboden. Zelfs als je niet hongerig bent, neem dan symbolisch een klein hapje om je waardering te tonen voor de moeite die de gastheer heeft gedaan.
Na de maaltijd
Na het eten wordt opnieuw water gebracht voor het wassen van de handen, gevolgd door verse muntthee. Deze thee is niet optioneel - het is het officiële einde van de maaltijd en deel van het gastvrijheidsritueel. Pas nadat de thee is gedronken, is het gepast om op te staan en te vertrekken, hoewel men nog vaak blijft zitten voor verdere conversatie.
Het is gebruikelijk om de kok (vaak de vrouw des huizes) uitgebreid te complimenteren. Zinnen als "Ydik ma tbarkallah" (je handen zijn gezegend) of "Bsaha" (tot je gezondheid) zijn zeer gewaardeerd. Kleine cadeautjes meebrengen voor de gastheer is op prijs gesteld maar niet verplicht - gebak, dadels of bloemen zijn geschikte keuzes.





Opmerkingen